PipeStress in de Codes

 

Ja. Conform zowel de geharmoniseerde standaard EN13480-3 (par. 12.2.1.), als een erkende standaard zoals ASME B.31.3 (par. 319.1.1) “alle leidingen zullen flexibel genoeg moeten zijn om de ineenstorting van de piping of supporting, lekkage op de flenzen of de vervorming van de aangesloten apparaten te voorkomen”.

Echter, de Codes bieden verschillende methodes om de flexibiliteit van de leidingen te laten controleren.

Load More

 

 

Volgens de,  in Nederland en België meest gebruikte,  Piping Codes  (de geharmoniseerde standaard EN13480 par. 12.2.10. en de erkende standaard ASME B31.3 par. 319.4) zijn drie verschillende flexibiliteitmethodes toegestaan: een uitgebreide (computer) stress analyse, vereenvoudigde methode of een visuele controle.

Load More

 

 

Het antwoord op deze vraag is afhankelijk van de gebruikte technische standaard, maar conform de geharmoniseerde standaard EN13480-3 (par. 12.2.10.1.)en de erkende standaard ASME B.31.3 (par. 319.4) mogen volgende leidingsystemen zonder officiële analyse, dus alleen visueel, gecontroleerd worden:

1.       De leidingsystemen die identiek zijn of welke een bestaande, naar behoren werkend systeem, met een bewezen servicerecord (en zonder significant verandering) vervangen.

2.       De leidingsystemen die gemakkelijk kunnen worden beoordeeld door de vergelijking met een eerder berekend vergelijkbare systeem.

 

Zoals hierboven aangegeven, de toegestane visuele flexibiliteitcontrole is een visuele vergelijking van de (isometrie) tekeningen. De vergelijking wordt gedaan, ofwel ten opzichte van een bestaand (naar behoren werkend) systeem of ten opzichte van een eerder berekend (vergelijkbaar) leidingsysteem.

Het spreekt voor zich dat een fabrikant zonder ervaring in de flexibiliteitanalyses geen gebruik van de tweede toegestane visuele methode zal kunnen maken. Deze methode vereist de nodige ervaring van de betrokken designer.

Load More

 

 

De geharmoniseerde standaard EN13480-3 erkent twee vereenvoudigde stress methodes:

  1. De methode zoals omschreven in par. 12.2.10.1: “Een leidingsysteem met een uniforme diameter, die niet meer dan twee ankers heeft en geen tussenliggende supports of guides heeft hoeft niet verder berekend te worden als men aan de opgegeven formule voldoet”.Echter, naast de hier opgegeven voorwaarden voor het toepassen van  deze methodiek, zijn er nog additionele beperkingen die in de “Notes” van hetzelfde paragraaf genoemd zijn. Hierdoor is praktische toepasbaarheid van deze methodiek minimaal.  Tevens erkent men in deze paragraaf dat zelfs als er aan deze paragraaf voldaan wordt,  geen garantie afgegeven kan worden voor de acceptatie van  flenzenbelasting en equipment nozzle belasting.  De conclusie is dus dat deze methodiek alleen een theoretische toevoeging op de Code is, maar in de praktijk zal het zeer zelden gebruikt kunnen worden.

 

  1. De methode Annex Q “Vereenvoudigde pipe stress analyse”. Deze methode is overgenomen uit de Duitse standaard AD 2000-Merktblatt HP 100 R en is vanaf 2010 opgenomen in EN 13480-3 Code.Hoewel hier om een “vereenvoudigde” methode gaat, deze methodiek wordt door EN Comité als bijzonder complex ervaren zodat men aan het begin van deze Annex (par. Q.2.1.) een toevoeging t.o.v. de originele AD 2000 Merktblatt heeft gemaakt: “Deze procedure mag alleen door ervaren personeel toegepast worden”.

De conclusie op basis van de beperkingen van deze genoemde methodes is dat de fabrikanten zonder ervaring in de flexibiliteitsanalyses deze “vereenvoudigde analyses” beter niet kunnen gebruiken.

ASME B31.3 Code erkent alleen één vereenvoudigde stress methode. Deze methode is genoemd in par. 319.4 en is dezelfde als de eerste hierboven omschreven EN13480 methode.

Load More

 

 

Een uitgebreide (computer) stress analyse is een analyse met behulp van een softwareprogramma. De meest gebruikte softwareprogramma’s in Nederland en België zijn: Caesar II, Rohr2, Autopipe en P10.

Als de betrokkenheid van een NoBo vereist is (voor PED-klasse II en III leidingen) is het raadzaam om contact met NoBo op te nemen om ook de NoBo acceptatie van de gebruikte software op tijd te evalueren.

Load More

 

 

De minimumeisen voor een pipe stress analyse zijn omschreven in de Piping Codes. Conform zowel de geharmoniseerde standaard EN13480-3 (par. 12.2.1.) als een erkende standaard zoals ASME B.31.3 (par. 319.1.1) “zullen alle leidingen flexibel genoeg moeten zijn om de ineenstorting van de piping of supporting, lekage op de flenzen of de vervorming van de aangesloten apparaten te kunnen voorkomen”.

Om aan deze eis te kunnen voldoen zullen in elke pipe stress analyse volgende parameters gecontroleerd moeten worden:

  • De spanning in de leidingen
  • De belasting op de supports
  • De belasting op de flenzen
  • De belasting op de aangesloten apparaten

Het spreekt voor zich dat de controle van de spanningen en de belastingen van een leidingsysteem  gebaseerd is op de scenario’s die werkelijk in desbetreffende systeem kunnen optreden (denk aan druk, temperatuur, wind, aardbeving, warm-koud situaties, mogelijke scenario’s wanneer dynamische krachten kunnen optreden, etc.).

Load More

 

 

Alle extreme scenario’s waarin een leiding gedurende zijn levensloop zich zou kunnen bevinden,  dienen gesimuleerd te worden. In deze scenario’s worden de gevaren van bijvoorbeeld temperatuur, druk, wind, dynamische krachten, etc. gesimuleerd. Op basis van deze stress simulaties worden de spanningen en belastingen op alle leidingcomponenten gelezen en deze waardes worden dan vergeleken met de toelaatbare waardes die voor elke component van toepassing zijn.

Een overzicht van alle toe te passen gevaren kan men in een Gevaren (Risico) Analyse terugvinden.

Load More