3. Welke methodes van de pipe stress verificatie zijn conform de Richtlijn Drukapparatuur (PED) toegestaan?

 

Hoewel de Richtlijn Drukapparatuur de fabrikant de vrijheid geeft om de Essentiële Veiligheidseisen van de druk houdende apparatuur met verschillende methodes te laten controleren (zie Bijlage 1, par 2.2.3.a), en indien gewenst zelfs een experimentele ontwerpmethode te mogen gebruiken (zie Bijlage 1, par. 2.2.4), zijn er binnen de Richtlijn geen methodes vermeld waarmee men de Bijzondere Veiligheidseisen voor installatieleidingen (zoals genoemd in de Bijlage 1, par.6. a.) kan toetsen. Volgens de Richtlijn is de fabrikant zelf verantwoordelijk om een geschikte methodiek te kiezen waarmee Bijzondere Veiligheidseisen gecontroleerd kunnen worden.

Zo kunnen de fabrikanten gebruik maken  van een passende technische standaard (Piping Code), zoals EN13480, ASME B31.3, ASME B31.1, etc.. In deze technische standaards zijn drie verschillende methodes van de flexibiliteitcontroles toegestaan: een uitgebreide (computer) stress analyse, vereenvoudigde methode of een visuele controle.

Voor meer info over  het toepassingsgebied van deze drie flexibiliteitmethodes zie paragraaf PipeStress in de Codes.

Een reactie plaatsen